WATERGANGEN: Welke voorwaarden gelden voor het dempen van sloten en het veranderen van het waterpeil?
De hoogte van het waterpeil en de aanwezigheid van sloten kunnen mede de geschiktheid van een gebied voor vogels bepalen. Een goede waterhuishouding in een gebied is daarom essentieel. Het is dan ook belangrijk dat er aandacht is voor natuurwaarden bij het vaststellen van het waterpeil, beheersplannen en de afgifte van vergunningen. Er gelden strenge regels, die helaas niet duidelijk uiteen te zetten zijn omdat ze verschillen per waterschap. Als burger heeft u mogelijkheden om invloed uit te oefenen op het te voeren waterbeheer.
Behalve de regels van het waterschap gelden ook de overige natuurbeschermingsregels uit de Natuurbeschermingswet en de Flora- en faunawet. Dat betekent dat er extra vergunningen en ontheffingen nodig kunnen zijn als de natuurwaarden aangetast zouden worden door het dempen van sloten of het verlagen van het waterpeil in beschermde natuurgebieden.
Voor meer informatie kunt u de onderstaande deelvragen openen. Hier wordt ook beschreven welke actie u kunt ondernemen tegen overtredingen van de regels.
-
1
Is het gebied een beschermd natuurgebied? Natuurgebieden kunnen in Nederland op verschillende manieren beschermd zijn; afhankelijk van de status van een gebied gelden er bepaalde regels. De belangrijkste soorten natuurgebieden zijn: Vogelrichtlijngebieden, Habitatrichtlijngebieden, Beschermde natuurmonumenten, Beschermde leefomgevingen en gebieden die planologische beschermd worden via bestemmings- en streekplannen.
Hoe weet u of een gebied onder een van deze regelingen valt?
Vogelrichtlijngebieden, Habitatrichtlijngebieden en Beschermde natuurmonumenten:
Op de website van het ministerie van E, L & I vindt u een overzicht van deze gebieden en de natuurwaarden waarvoor deze gebieden zijn aangewezen.Beschermde leefomgeving:
Van deze categorie is geen online overzicht beschikbaar. U zult bij de provincie moeten navragen of er gebruik gemaakt wordt van deze mogelijkheid. De meeste provincies doen dit overigens niet.Planologische bescherming:
De website van de provincie toont meestal het geldende streekplan, inclusief een kaart waarop de verschillende functies zijn ingetekend zoals de Ecologische Hoofdstructuur. Ook worden er natuurgebiedsplannen gepresenteerd; daarin staan de grenzen en de doelen van het gebied beschreven. Bij de gemeente (soms op de website) is het bestemmingsplan in te zien waar de functie van een gebied vermeld staat, bijvoorbeeld groen of landelijk gebied.-
2
Strekt de bescherming verder dan de begrenzing? De bescherming van een natuurgebied geldt niet alleen binnen de begrenzingen van het gebied zelf. Ook bestaande of geplande activiteiten die buiten dit gebied plaatsvinden en mogelijk negatieve effecten hebben, moeten aan voorschriften voldoen in sommige gebieden. De bescherming strekt dan verder dan de precieze begrenzing van een gebied.
Vogel- en Habitatrichtlijngebieden:
Vogelrichtlijngebieden hebben externe werking. Dit betekent dat projecten zoals het bouwen van een nieuwe woonwijk buiten het gebied ook getoetst moeten worden aan de Natuurbeschermingswet als er een kans bestaat dat de bouw significante negatieve effecten voor het richtlijngebied kan hebben.Beschermde natuurmonumenten:
Ook beschermde natuurmonumenten hebben externe werking. De vergunningplicht strekt zich ook uit tot handelingen die buiten het gebied plaatsvinden en schadelijk of ontsierend zijn voor het natuurmonument. Deze bescherming strekt zich echter minder ver uit dan bij Vogel- en Habitatrichtlijngebieden. Het geldt alleen voor activiteiten die voorkomen op de lijst in het aanwijzingsbesluit.Beschermde leefomgeving:
Voor beschermde leefomgevingen geldt een beperkte externe werking; alleen handelingen opgenomen in het aanwijzingsbesluit zijn verboden. Externe werking geldt dus alleen indien dit in het besluit staat aangegeven.Planologische bescherming:
Functie natuur, buitengebied, Ecologische Hoofdstructuur:
In principe geldt hier geen externe werking.-
3
Beschermd gebied: Welke regels gelden er? In beschermde natuurgebieden gelden net als in niet-beschermde gebieden, de algemene regels die volgen uit onder andere het peilbesluit. Deze regeling verschilt per gebied en is in de meeste gevallen te vinden zijn via de website van het betreffende waterschap.
Aanvragen voor ontheffingen en vergunningen moeten echter voor natuurmonumenten en Vogel- en Habitatrichtlijngebieden, ook getoetst worden aan de Natuurbeschermingswet. Er wordt dan dus beoordeeld of het dempen van sloten of het onttrekken van water geen negatieve effecten zal hebben op de belangrijke natuurwaarden van het beschermde gebied. Indien er geen negatieve effecten te verwachten zijn kan er een vergunning of ontheffing door het waterschap verleend worden. Als er wél negatieve effecten te verwachten zijn moet er tevens een vergunning van de Natuurbeschermingswet bij gedeputeerde staten aangevraagd worden.
Ook in het bestemmingsplan van een gebied kunnen voorschriften staan die van belang zijn. Zo kunnen plas-dras situaties in weidegebieden in stand gehouden moeten worden.
Klik hier voor meer informatie over de regels die gelden in beschermde natuurgebieden.
-
4
Beschermd gebied: Wat kunt ú doen? Wanneer u een situatie constateert waarin er onterecht zonder vergunning of in strijd met de vergunning of voorschriften gehandeld wordt, is het belangrijk dat u dit goed in kaart brengt; exacte locatie, activiteit, betreffende vogelsoorten en tijdstip. Hierdoor kunt u later, indien nodig, uw bevindingen goed onderbouwen.
Vaak als u een overtreding constateert, weet u niet of de overtreder wellicht een vergunning of ontheffing heeft gekregen. U kunt dit natuurlijk aan de overtreder zelf vragen, maar de AID kan dit ook voor u nagaan.
De mogelijkheden om actie te ondernemen verschillen per gebiedstypen. Klik hieronder op het gebied waar u mee te maken hebt en u kunt lezen wat u in dat gebied kunt doen.
Vogel- of Habitatrichtlijngebied, beschermd natuurmonument
Beschermde leefomgeving
Planologisch beschermde gebiedenVogel- of Habitatrichtlijngebied of beschermd natuurmonument:
Wanneer er nog geen vergunning is verleend:
- Voorkomen is beter dan genezen:
Probeer in overleg met de beheerder/eigenaar van het terrein tot een oplossing te komen. Dit verdient in eerste instantie de voorkeur boven juridische procedures. - Zienswijze indienen voor beheerplan:
Er wordt een beheerplan opgesteld voor elk Vogel- en Habitatrichtlijngebied waarin de instandhoudingsdoelstellingen en de te nemen beheermaatregelen staan beschreven en hoe deze zich verhouden tot bestaande activiteiten in het gebied. Zo'n plan geeft dus weer waarom een gebied belangrijk is en hoe het in stand gehouden moet worden. Een beheerplan wordt per gebied opgesteld en vormt het toetsingskader voor de aanvraag van een vergunning onder de Natuurbeschermingswet. Het is dus belangrijk om uw zienswijze in te brengen zodat u invloed heeft op de latere vergunningverlening. Beheerplannen worden opgesteld door het bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor het gebied; dat kan de provincie zijn, maar ook het ministerie van E, L & I of Rijkswaterstaat. In de handreiking bij beheersplannen staat in bijlage A een voortouwtabel opgenomen zodat u kunt zien wie het beheersplan moet vaststellen:
Wanneer er reeds een vergunning is verleend:
- Bezwaarschrift indienen:
Bij het bestuursorgaan dat de vergunning heeft verleend, kunt u een bezwaarschrift indienen tegen de vergunning als u belanghebbende bent. - In beroep gaan:
Wanneer u het niet eens bent met de beslissing op het door u ingediende bezwaar, dan kunt u hiertegen beroep instellen. Wanneer het een vergunning betreft van de Natuurbeschermingswet, dan dient u deze in bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Ook hier geldt dat beroep alleen kan worden ingesteld door belanghebbenden. - Voorlopige voorziening:
Vanaf het moment dat de benodigde vergunningen zijn afgegeven, kan er gestart worden met de werkzaamheden waarvoor een vergunning is afgegeven, ook al heeft u een bezwaar of beroepschrift ingediend. Door een voorlopige voorziening aan te vragen, kunt u de rechter verzoeken te beslissen dat de vergunning niet gebruikt kan worden totdat er besloten is op uw bezwaar of beroep. U moet dan wel kunnen aantonen dat er sprake is van onverwijlde spoed. Op deze manier kan onomkeerbare schade aan de natuur voorkomen worden.
Wanneer er in strijd met de vergunning of zonder vergunning wordt gehandeld:
- Politie:
Wanneer er in strijd met de vergunning of zonder vergunning activiteiten plaatsvinden, kunt u hiervan aangifte doen bij de politie. Het is belangrijk om ook echt aangifte te doen, omdat de politie een melding makkelijker naast zich neer kan leggen. - AID groendesk:
Bij de afdeling Natuurbescherming van de Algemene Inspectiedienst kan melding gemaakt worden van misstanden in de natuur en kunnen vragen gesteld worden over toepasselijke regelgeving. - Provinciale milieuklachtentelefoon:
Bij de provincie kunt u ook met klachten terecht over misstanden in de natuur. Kijk voor het telefoonnummer op de website van de desbetreffende provincie. - Milieuklachten.nl:
Via de website milieuklachten.nl kunt u een melding maken van de overtreding. Zij zorgen er dan voor dat de klacht bij het overheidsorgaan terecht komt die bevoegd is om daar iets aan te doen. - Verzoek tot intrekking vergunning en verzoek tot handhaving:
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de vergunning óf wanneer de situatie in het gebied zoveel veranderd is dat onder die omstandigheden een vergunning nooit afgegeven zou zijn, óf als er ten onrechte zonder vergunning wordt gehandeld, kunt u een verzoek doen tot intrekking van de vergunning of tot handhaving van de regels. Het verzoek moet gericht zijn aan het orgaan dat de vergunning heeft verleend of had moeten verlenen.
Wanneer de door u bestreden activiteit nog niet plaatsvindt:
- Voorkomen is beter dan genezen:
Probeer in overleg met de beheerder/eigenaar van het terrein tot een oplossing te komen. Dit verdient altijd de voorkeur boven juridische procedures. - Zienswijzen indienen:
Bij het bestuursorgaan dat goedkeuring moet verlenen voor de activiteit, kunt u een zienswijze indienen met uw mening over de geplande activiteit.
Er is geen vergunningenstelsel verbonden aan een aanwijzing van een gebied als beschermde leefomgeving. Dit betekent dus dat er geen speciale vergunning nodig is voor activiteiten in dit gebied. Wanneer u in een vroeg stadium wilt laten weten dat u het niet eens bent met een bepaalde activiteit, dan kunt u een zienswijze indienen tegen vergunningen die wél nodig zijn zoals bijvoorbeeld een kapvergunning of een bouwvergunning.
Wel kunt u gedeputeerde staten erop attent maken dat er schadelijke activiteiten gaan plaatsvinden in een beschermde leefomgeving. Er worden weliswaar geen vergunningen verleend, maar de activiteit moet wel gemeld worden en u kunt gedeputeerde staten verzoeken om hier voorschriften aan te verbinden.
Wanneer de door u bestreden activiteit reeds plaatsvindt:
- AID groendesk:
Bij de afdeling Natuurbescherming van de Algemene Inspectiedienst kan melding gemaakt worden van misstanden in de natuur en kunnen vragen gesteld worden over toepasselijke regelgeving. - Provinciale milieuklachtentelefoon:
Bij de provincie kunt u ook met klachten terecht over misstanden in de natuur. Kijk voor het telefoonnummer op de website van de desbetreffende provincie. - Milieuklachten.nl:
Via de website milieuklachten.nl kunt u een melding maken van de overtreding. Zij zorgen er dan voor dat de klacht bij het overheidsorgaan terecht komt die bevoegd is om daar iets aan te doen. - Verzoek tot handhaving:
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de regels kunt u een verzoek doen tot handhaving van de regels. Het verzoek moet gericht zijn Gedeputeerde Staten.
Indien het gebied niet als beschermde leefomgeving is aangewezen, maar volgens u wel in aanmerking zou kunnen komen. Dan kunt u bij de Provincie hiertoe een verzoek indienen. Als de provincie niet op uw verzoek wil ingaan, dan kunt u hiertegen bezwaar en beroep aantekenen als u belanghebbende bent.
Bescherming o.g.v. het bestemmingsplan:
Als het bestaande bestemmingsplan een activiteit niet toelaat, dan betekent dat niet automatisch dat de activiteit geen doorgang kan vinden. De gemeente kan er dan voor kiezen om vrijstelling van het bestemmingsplan te verlenen of het kan het bestemmingsplan wijzigen. Hieronder wordt beschreven wat u in beide situaties kunt doen.De gemeente verleent een vrijstelling:
Wanneer de vrijstelling nog niet is verleend:
- Zienswijzen indienen:
U kunt een zienswijze indienen bij de gemeente die de vrijstelling mag verlenen.
Wanneer de vrijstelling al verleend is.
- Bezwaarschrift indienen:
U kunt bij de gemeente een bezwaarschrift indienen tegen de verleende vrijstelling. - Beroep bij de rechtbank:
Als de gemeente uw bezwaarschrift ongegrond heeft verklaard, dan kunt in beroep gaan tegen deze beslissing bij de rechtbank. - Voorlopige voorziening verzoeken:
Op het moment dat er een vrijstelling is afgegeven mag er gestart worden met de activiteit waarvoor de vrijstelling is verleend, ook al zijn er bezwaren ingediend. Door een voorlopige voorziening aan te vragen, kunt u de rechter vragen om te beslissen dat de vrijstelling voorlopig niet geldig is totdat er besloten is op bezwaar en eventueel beroep. (De werking wordt geschorst). U moet dan echter wel kunnen aantonen dat er sprake is van onverwijlde spoed. Op deze manier kan onherstelbare schade aan de natuur voorkomen worden.
Wanneer er in strijd met de vrijstelling of zonder vrijstelling gehandeld wordt.
- Politie:
Wanneer er in strijd met de vrijstelling of zonder vrijstelling wordt gehandeld, kunt u hiervan aangifte doen bij de politie. Het is belangrijk om echt aangifte te doen, aangezien de politie een melding makkelijker naast zich neer kunnen leggen. - AID groendesk:
Bij de afdeling Natuurbescherming van de Algemene Inspectiedienst kan meldingen gemaakt worden van misstanden in de natuur en kunnen vragen gesteld worden over toepasselijke regelgeving. - Milieuklachten.nl:
Via de website milieuklachten.nl kunt u een melding maken van de overtreding. Zij zorgen er dan voor dat de klacht bij het overheidsorgaan terecht komt die bevoegd is om daar iets aan te doen. - Verzoek tot handhaving:
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de vrijstelling óf wanneer er ten onrechte zonder vrijstelling wordt gehandeld, kunt u een verzoek doen tot handhaving van de regels. Het verzoek moet gericht zijn aan het orgaan dat de vergunning heeft verleend of had moeten verlenen.
Het bestemmingsplan aanpassenAls het bestemmingsplan nog niet aangepast is.
- Inspraak:
Bij de inspraakbijeenkomsten die de gemeente organiseert, kunt u inspreken op de plannen die de gemeente heeft. - Zienswijzen:
Op het ontwerp-bestemmingsplan kunt zienswijzen indienen bij de gemeente.
Als het bestemmingsplan al aangepast en vastgesteld is.
- In beroep:
Bij de rechtbank kunt u in beroep gaan tegen het bestemmingsplan als u reeds een zienswijze heeft ingediend tegen het ontwerp-bestemmingsplan.
Als er in strijd met het aangepaste bestemmingsplan wordt gehandeld.
- Verzoeken om handhaving:
U kunt dan de gemeente verzoeken om het bestemmingsplan te handhaven. De website van Milieuhulp geeft informatie over hoe u dit aan kunt pakken.
- Voorkomen is beter dan genezen:
-
5
Is er toestemming van het Waterschap nodig? Ja die is zeker nodig. Er zijn zowel op rijks- als provinciaal niveau verschillende nota's en regelingen die het beleid uitstippelen voor het waterbeheer in Nederland. Voor het beoordelen van een situatie is het echter vooral belangrijk om te kijken naar de regelingen die de beheerder voor het betreffende gebied heeft opgesteld door. Meestal is dat het waterschap (behalve voor rijkswateren, dan is Rijkswaterstaat de beheerder).
Het waterschap stelt een aantal belangrijke documenten op (te vinden op de website van het waterschap van het betreffende gebied).
- Het peilbesluit:
Hierin staan de verplichte waterstanden voor de verschillende gebieden in de verschillende seizoenen aangegeven. - Het beheerplan:
Dit is meer een beleidsdocument, maar er wordt vaak naar gekeken bij de beoordeling van de vergunning- en ontheffingverlening. - De keur:
In deze regeling is onder andere vastgesteld waarvoor een vergunning of ontheffing nodig is.
Voor de rijkswateren moet er gekeken worden naar het beheerplan rijkswateren.
De regelingen van het waterschap moeten passen binnen de kaders van de nationale en provinciale regelingen; er blijft dus weinig vrije ruimte over, maar de precieze inhoud van de documenten verschilt wel per waterschap. Het is dus moeilijk om te zeggen wanneer er wel en wanneer er geen vergunning of ontheffing zal worden verleend. Er wordt in ieder geval door het bestuur van het waterschap beoordeeld of er negatieve effecten te verwachten zijn voor de waterhuishouding. Daarbij moet men ook naar de effecten op de natuur kijken. Aan de vergunningen en ontheffingen kunnen voorschriften verbonden worden om de natuurwaarden te waarborgen. Bepaalde maatregelen zoals het veranderen van het waterpeil kunnen echter inbreuk maken op de bescherming van de natuur op grond van de Flora- en faunawet. Hier moet dus ook aan getoetst worden.
- Het peilbesluit:
-
6
Zijn de werkzaamheden in strijd met de Flora- en faunawet? Om te bepalen of ingrepen in strijd zijn met de bescherming van vogels, wordt er gekeken naar de verbodsbepalingen in de Flora- en faunawet (artikel 9 tot en met 12).
- Het verbod op het doden of verwonden van vogels:
Hierop kan inbreuk gemaakt worden wanneer er tijdens het broedseizoen werkzaamheden worden verricht en de jonge vogels niet weg kunnen vliegen. - Het verbod op het opzettelijk verontrusten van vogels:
Hierop kan inbreuk gemaakt worden wanneer er vogels verblijven daar waar maatregelen worden uitgevoerd. Het ministerie van E, L & I is van mening dat er buiten het broedseizoen niet snel sprake is van opzettelijke verontrusting, zolang er zorgvuldig gehandeld wordt. - Het verbod op het beschadigen, wegnemen of verstoren van nestgelegenheid:
Hierop zal zeker inbreuk gemaakt worden als sloten tijdens het broedseizoen gedempt worden terwijl vogels nesten op de oevers hebben. Het ministerie van E, L & I legt het begrip nesten uit als: plaatsen voor het vervaardigen van eieren en het verzorgen van jongen. Zolang de nesten bewoond zijn, zijn zij beschermd. Nesten die het hele jaar door worden gebruikt (de nesten van standvogels) zijn ook buiten het broedseizoen beschermd. Hetzelfde geldt voor nesten van soorten die jaarlijks terugkeren naar het zelfde nest en daarvan afhankelijk zijn om te broeden. Het ministerie van E, L & I hanteert een lijst met vogelsoorten waarvan de nesten ook buiten het broedseizoen zijn beschermd. Daarnaast heeft E, L & I een uitleg gepubliceerd over de manier waarop bij ruimtelijke ingrepen buiten het broedseizoen met die nesten rekening moet worden gehouden. - Het verbod op het uitnemen, beschadigen en vernielen van eieren:
Hierop kan inbreuk gemaakt worden wanneer er tijdens het broedseizoen gewerkt wordt.
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de verboden in de Flora- en faunawet, moet er een ontheffing worden aangevraagd van de Flora- en faunawet. Er kan echter ook gekozen worden om in plaats van een ontheffing aan te vragen, te werken volgens een goedgekeurde gedragscode. De Unie van Waterschappen heeft een dergelijke gedragscode opgesteld. Wanneer een waterschap volgens deze gedragscode werkt hoeft er geen afzonderlijke ontheffing te worden aangevraagd. Een waterschap mag dus kiezen tussen ontheffing aanvragen en werken volgens de gedragscode. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 30 juni 2010 geoordeeld dat het goedkeuringsbesluit voor deze gedragscode rechtmatig is.
De belangrijkste normen uit die gedragscode zijn:
- De gedragscode kan alleen gebruikt worden voor werkzaamheden in het kader van 'bestendig beheer en onderhoud' en 'ruimtelijke ontwikkeling en inrichting'. De gedragscode is niet van toepassing op peilbesluiten, wel eventueel op het dempen van sloten in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting.
- Broedkolonies en andere vaste nestplaatsen (o.a. nesholten van ijsvogels en oeverzwaluwen, oude bomen met spleten en holtes, oude gebouwen en bouwwerken) worden gespaard.
- De uitwerking van de code volgt de volgende drie stappen:
1. negatieve effecten voorkomen door geen of zo weinig mogelijk werkzaamheden uit te voeren in kwetsbare perioden;
2. als werkzaamheden toch noodzakelijk zijn dienen effecten zoveel mogelijk te worden beperkt(er is sprake van noodzaak, als de primaire waterschapstaken dit vereisen en er geen alternatief is)
3. als schade tenslotte niet voorkomen kan worden, moet deze op voorhand worden gecompenseerd volgens de geldende regels (deze regels zijn te vinden in de gedragscode. - Deze uitwerking in drie stappen is uitgewerkt voor onder andere het baggeren, maaien en schonen van sloten. Ook wordt uitgewerkt hoe een waterschap aan de slag moet gaan bij 'ruimtelijke ontwikkeling en inrichting' waaronder het dempen van sloten kan worden verstaan.
- Het verbod op het doden of verwonden van vogels:
-
7
Wat kunt ú doen tegen overtreding van de regels? Als u het niet eens bent het dempen van een sloot of een waterpeil wat veranderd zal worden. Dan zijn er een aantal stappen die u kunt nemen. Klik op een van de onderstaande zinsdelen voor meer informatie.
- Stemmen in waterschapsverkiezingen
- In geval van: Handelen in strijd met de gedragscode
- In geval van: Handelen in strijd met de Flora- en faunawet
- In geval van: Handelen in strijd met het waterbeheer
- Het beheer van een gebied en een gedeelte van het onderhoud wordt gedaan door of in opdracht van het waterschap. Een bestuur van een waterschap wordt middels verkiezingen samengesteld; door uw stem uit te brengen heeft u dus invloed op het uiteindelijk beheer.
Handelen in strijd met de gedragscode
Wanneer er niet conform de gedragscode wordt gehandeld, dan wordt er in strijd met de Flora- en faunawet gehandeld, tenzij er sprake is van een noodsituatie. In een dergelijk geval is het excuseerbaar dat er niet volledig in overeenstemming wordt gehandeld met de gedragscode. Men dient echter altijd zo zorgvuldig mogelijk te handelen.
Wanneer u signaleert dat er onterecht in strijd met de gedragscode wordt gewerkt, kunt u verschillende wegen bewandelen.
- Overleg:
Probeer in overleg met de eigenaar of het waterschap tot een gezamenlijke oplossing te komen. In eerste instantie verdient dit de voorkeur boven juridische procedures. - Politie:
Wanneer er in strijd met de normen uit de gedragscode wordt gehandeld, kunt u hiervan aangifte doen bij de politie. - AID Groendesk:
Bij de afdeling Natuurbescherming van de Algemene Inspectiedienst kan men melding maken van misstanden in de natuur en kunnen vragen gesteld worden over toepasselijke regelgeving. - Provinciale milieuklachtentelefoon:
Bij de provincie kunt u ook met klachten terecht over misstanden in de natuur. Het telefoonnummer kunt u vinden op de website van de desbetreffende provincie. - Milieuklachten.nl:
Via de website milieuklachten.nl kunt u een melding maken van de overtreding. Zij zorgen er dan voor dat de klacht bij het overheidsorgaan terecht komt die bevoegd is om daar iets aan te doen. - Verzoek tot het opleggen van bestuursdwang of dwangsom:
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de gedragscode, kunt u een verzoek doen tot het opleggen van bestuursdwang of een dwangsom.
Handelen in strijd met de Flora- en faunawet.
Er wordt in strijd met de Flora- en faunawet gehandeld als er eigenlijk een ontheffing van de Flora- en faunawet aangevraagd had moeten worden, maar ook als deze ontheffing wel is aangevraagd, maar er werkzaamheden worden verricht die niet gedekt worden door de afgegeven ontheffing. Vaak als u een overtreding constateert, weet u niet of de overtreder wellicht een vergunning of ontheffing heeft gekregen. U kunt dit natuurlijk aan de overtreder zelf vragen, maar de AID kan dit ook voor u nagaan. Klik hier voor meer informatie over wat ú kunt doen.
Handelen in strijd met het waterbeheer
Voordat het peilbesluit is vastgesteld
- Zienswijzen:
Er kunnen zienswijzen ingebracht worden tegen het peilbesluit. Dit kan in ieder geval gedaan worden door belanghebbenden, maar voor sommige gebieden is er een inspraakverordening opgesteld waardoor iederéén deze mogelijkheid heeft.
Nadat het peilbesluit is vastgesteld
- Beroep:
Belanghebbenden kunnen tegen het vastgestelde peilbesluit beroep instellen bij de rechtbank. Tevens kunnen belanghebbenden in beroep gaan tegen de goedkeuring van het peilbesluit door gedeputeerde staten.
Voordat het beheerplan rijkswateren is vastgesteld
- Zienswijzen:
Iedereen kan zienswijzen indienen op het beheerplan voor rijkswateren.
Nadat het beheerplan rijkswateren is vastgesteld
- Bezwaar en beroep:
Belanghebbenden hebben de mogelijkheid om bezwaar en eventueel beroep aan te tekenen tegen het vastgestelde beheerplan.
Voordat het beheerplan door het waterschap is vastgesteld
- Zienswijzen:
Er kunnen zienswijzen ingebracht worden op het beheerplan. Dit kan in ieder geval gedaan worden door belanghebbenden, maar voor sommige gebieden is er een inspraakverordening opgesteld waardoor iederéén deze mogelijkheid heeft.
Nadat het beheerplan door het waterschap is vastgesteld
- Beroep:
Indien u het niet eens bent met het beheerplan dan is het helaas niet mogelijk om rechtstreeks beroep aan te tekenen omdat dit plan slechts indicatief is. Maar u kunt wel bij de rechtbank in beroep gaan tegen de goedkeuring van het beheerplan door gedeputeerde staten, mits u belanghebbende bent.
voordat een ontheffing of vergunning is verleend
- In principe is er geen inspraak mogelijk op de ontheffing en vergunningverlening, maar voor sommige gebieden geldt er een inspraakverordening en heeft het waterschap zelf bepaald dat er wel zienswijzen ingediend kunnen worden op de ontwerp-ontheffing/vergunning.
Nadat een ontheffing of vergunning is verleend
- Schriftelijk verzoek:
Een belanghebbende kan een schriftelijk verzoek doen aan de verlener van de vergunning om deze te wijzigen of in te trekken. De enige argumenten die in zo'n verzoek aangedragen kunnen worden moeten gaan over het belang van de bescherming van de waterhuishouding. - Bezwaar en beroep:
Zoals tegen alle vergunningen staat er tegen deze vergunning ook de mogelijkheid open van bezwaar en beroep voor belanghebbenden. - Voorlopige voorziening:
Op het moment dat de benodigde vergunningen of ontheffingen zijn afgegeven, kan er begonnen worden met de activiteit waarvoor een vergunning is afgegeven, ook al heeft u een bezwaar/beroepschrift ingediend. Door een voorlopige voorziening aan te vragen, kunt u de rechter verzoeken te beslissen dat de vergunning niet gebruikt kan worden totdat er besloten is op uw bezwaar/beroep. U moet dan wel kunnen aantonen dat er sprake is van onverwijlde spoed. Op deze manier kan onomkeerbare schade aan de natuur voorkomen worden.
Indien er zonder of in strijd met de ontheffing of vergunning wordt gehandeld
- Politie:
Wanneer er in strijd met de vergunning of zonder vergunning wordt gehandeld, kunt u hiervan aangifte doen bij de politie. Het is belangrijk om ook echt aangifte te doen, omdat de politie een melding makkelijker naast zich neer kan leggen. - AID groendesk:
Bij de afdeling Natuurbescherming van de Algemene Inspectiedienst kan melding gedaan worden van misstanden in de natuur en kunnen vragen gesteld worden over toepasselijke regelgeving. - Provinciale milieuklachtentelefoon:
Bij de provincie kunt u ook met klachten terecht over misstanden in de natuur. Het telefoonnummer kunt u vinden op de website van de desbetreffende provincie. - Milieuklachten.nl:
Via de website milieuklachten.nl kunt u een melding maken van de overtreding. Zij zorgen er dan voor dat de klacht bij het overheidsorgaan terecht komt die bevoegd is om daar iets aan te doen. - Verzoek tot intrekking vergunning en verzoek tot handhaving:
Wanneer er in strijd wordt gehandeld met de vergunning, of wanneer de situatie in het gebied zoveel veranderd is dat onder die omstandigheden een vergunning nooit afgegeven zou zijn, kunt u een verzoek doen tot intrekking van de vergunning of tot handhaving van de regels. Het verzoek moet gericht zijn aan het orgaan dat de vergunning heeft verleend. - Voorlopige voorziening:
Op het moment dat de benodigde vergunningen of ontheffingen zijn afgegeven, kan er begonnen worden met de activiteit waarvoor een vergunning is afgegeven, ook al heeft u een bezwaar/beroepschrift ingediend. Door een voorlopige voorziening aan te vragen, kunt u de rechter verzoeken te beslissen dat de vergunning niet gebruikt kan worden totdat er besloten is op uw bezwaar/beroep. U moet dan wel kunnen aantonen dat er sprake is van onverwijlde spoed. Op deze manier kan onomkeerbare schade aan de natuur voorkomen worden.



